Om de ware omvang van het gehoorverlies te beoordelen is het noodzakelijk om contact op te nemen met een audioloog. In sommige landen kan uw lokale huisarts u doorverwijzen. Hij of zij zal uw gehoor evalueren en zal de graad bepalen van de gehoorbeschadiging die u hebt.
Gehoortest
Een gehoortest gaat na hoe goed iemand hoort; dat wordt gewoonlijk de "gehoorgevoeligheid" genoemd:
- Door middel van een koptelefoon luistert u naar een reeks zuivere tonen (eenvoudig geluid) van 125 Herz tot 8000 Herz (dit is de frequentiewaaier waar het oor het gevoeligst is, d.w.z. waar het oor het best hoort, naast het feit dat dit de belangrijkste hoogten zijn voor het begrijpen van spraak)
- U geeft aan - door een hand op te steken of door op een knop te drukken of u al dan niet feitelijk het geluid hoorde
- Het geluid vermindert qua intensiteitsniveau zodat de audioloog de niveaus kan bepalen waarop u het geluid nog net kunt ontdekken (drempels)
|
 |
De resultaten van de test worden in kaart gebracht op een audiogram. Onderaan worden de frequenties voorgesteld en omhoog klimmend langs de zijkant wordt het intensiteitsniveau in dB HL getoond. Er worden gewoonlijk kruisjes gebruikt om het linkeroor voor te stellen en cirkels geven gewoonlijk de resultaten aan voor het rechteroor.
Noteer dat de decibelschaal logaritmisch is: dit betekent dat
een geluid dat 10 dB luider is dan een ander 10 maal intenser is.
Een geluid dat 20 dB luider is dan een ander, is niet 20, maar 100 maal intenser (10x10).
Een geluid dat 30 dB groter is dan een ander, is niet 30, maar 1000 maal intenser (10x10x10).
Gedragstest
Een gedragstest is een benadering die een reactie vereist van het kind op een geluid. De gegeven respons hangt af van het ontwikkelingsstadium van het kind. Het kind moet altijd wakker en alert zijn.
Een test van stimuli wordt geleverd door middel van een koptelefoon of een luidspreker en het kind reageert door te tonen dat het de geluiden gewaar wordt.
Gedurende de eerste maanden van het leven van een baby, bestaat het testen van het gedrag uit getrainde observatie van subtiele veranderingen in de activiteit van een zuigeling (bv. oog- of hoofdbewegingen) wanneer een geluid weerklinkt (gedragsobservatie).
In de latere kleutertijd, tot ongeveer de leeftijd van twee jaar zijn de kinderen in staat en bereid om zich naar het geluid toe te draaien en ze worden daartoe gestimuleerd door een flikkerlicht en/of door een bewegend stuk speelgoed wanneer zij antwoorden (Visuele versterking van de audiometrie).
Gewoonlijk tussen twee en drie jaar, kan er aan de meeste kinderen worden aangeleerd om een geconditioneerde speltaak uit te voeren, zoals het steken van een blokje in een doos, of van een pin in een gat, wanneer zij het geluid horen (spelaudiometrie).
De oudere kinderen (gewoonlijk vanaf vijf jaar en ouder) en de volwassenen kunnen hun hand opheffen, of op een knop drukken iedere keer dat zij het geluid horen.
Objectieve testen
Objectieve testen vereisen niet dat het kind of de volwassene een bepaalde reactie tonen. De testen die hieronder worden beschreven, kunnen zowel worden uitgevoerd als het individu in slaap is, of als hij wakker is.
Auditory Brainstem Response Testing (ABR) - Het auditief testen van de reactie van de hersenstam: kan worden uitgevoerd terwijl een individu in slaap is of wanneer hij rust. Het kan betrouwbare drempelinformatie voor frequenties tot 2kHz verstrekken. Het wordt vaak gebruikt voor degenen die niet in staat zijn om gedragstests uit te voeren, zoals zuigelingen van minder dan 6 maanden. Elektrische impulsen van de gehoorzenuw en de hersenstam worden opgenomen als antwoord op klikstimuli die door koptelefoons worden doorgegeven.
Transitionele Otoakoestische Emissie (TEOAE). Deze test kan ook tijdens de slaap worden gemeten. Hij beoordeelt de reactie van de buitenste haarcellen op de tijdelijke klikstimuli die aan elk oor worden doorgegeven. De buitenste haarcellen zijn gewoonlijk de eerste die beschadigd zijn wanneer er een gehoorverlies is, zodat dit een heel goed onderzoekshulpmiddel kan zijn om de schade van het slakkenhuis te beoordelen. Als er volledige beschadiging zou zijn van de buitenste haarcellen, zou dat gewoonlijk leiden tot een gehoorverlies van ongeveer 60dB HL. Dit is een heel snelle test en hij wordt vaak gebruikt voor gehooronderzoek bij pasgeborenen.
Immitantie-audiometrie - (tympanometrie en akoestische stapediale reflextesten) kan samen met andere testen, een nuttig diagnostisch hulpmiddel zijn. De werking en de druk van het middenoor worden beoordeeld. Dit kan een aanwijzing geven betreffende de vraag of er al dan niet een gehoorstoornis is van het middenoor en ook betreffende het type van middenoorprobleem dat er zou kunnen zijn. Stapediale reflexreacties kunnen ook worden gemeten. Dit is bijzonder nuttig om te bepalen of het gehoorverlies van neurale aard is.